‘Ik stuur op stikstofefficiëntie, want daar verdien ik op, en ammoniakreductie komt dan mee.’ Sturen op stikstof is één van de punten die Rudie Freriks, melkveehouder in Luttenberg, benoemt als leerpunt uit zijn deelname aan Proef om de Som, het vervolgproject van Proeftuin Natura 2000.

Tijdens de Demodag Ammoniak, woensdag 21 juni gehouden in Lemelerveld, draait het om ammoniakreductie. Freriks, pilotboer vanaf het eerste uur, vertelt de bezoekers over zijn ervaringen opgedaan tijdens de Proeftuin Natura 2000 en het vervolgproject Proef op de Som. Beiden projecten zijn opgezet door Projecten LTO Noord samen met de Wageningen Universiteit (WUR).

‘Ik wilde meer doen met ammoniakreductie zonder direct in de stal te investeren’, noemt Freriks één van de redenen om mee te doen met de projecten. Zijn bedrijf telt 87 melkkoeien, 44 stuks jongvee en hij heeft 35,2 hectare grasland en 2,2 hectare mais.

Heel scherp

Hij drukte zijn collega’s op het hart om de voeradviseur mee te nemen in de plannen die je hebt. ‘Ik ben daar wel heel scherp op. Ik stel het doel en de adviseur is er ter ondersteuning.’ Uit zijn verhaal blijkt dat hij met vallen en opstaan de ammoniakemissie op zijn bedrijf naar beneden heeft weten te krijgen. Hij heeft vooral gestuurd op het omlaag krijgen van het ruw eiwitgehalte in het rantsoen, waarbij het ureumgetal als controlegetal diende.

‘Dat is een samenspel tussen boer en voeradviseur. Ik heb gezegd dat ik naar 150 ruw eiwit in het rantsoen wil en het is aan de adviseur om daar met het voer op in te spelen’, aldus Freriks. Ook met secuur en afgepast mesten heeft hij aandacht voor ammoniakreductie. ‘Dan kijk ik naar tijdstip, weeromstandigheden en hoeveelheid.’

Kuilvoorraad

Freriks nam zijn toehoorders mee in de valkuilen die hij heeft ervaren in zijn zoektocht naar ammoniakreductie op het bedrijf. ‘Kijk niet naar één jaar, want dit kost tijd’, stelt hij. ‘De kuilvoorraad werkt bijvoorbeeld na in het volgende jaar en de kwaliteit van de kuil is erg belangrijk. Je moet sturen op het juiste kenmerk. Ik lette eerst alleen op het ureumgetal, terwijl ik nu stuur op ruw eiwit en ureum ter controle gebruik. En vooral, durf je grenzen te verleggen, durf jezelf uit te dagen.’

Leerpunten

Tot slot benoemde de melkveehouder nog enkele andere zaken die hij gedurende het project geleerd heeft over ammoniakreductie. ‘Ik dien nu kunstmest in het voorjaar in twee keer toe, voor een hoger eiwitgehalte in het gras. Ook doe ik aan zwavelbemesting voor de kwaliteit van het eiwit. Sowieso is veel en goed ruw voer produceren belangrijk. Verder lusten melkkoeien ook wel herfstkuil. Ook gaat weidegang prima samen met de Kringloopwijzer en weinig ammoniakemissie.’